|
|

52ste Liturgisch Congres
BLANKENBERGE 26-27 november 2007
Openingswoord door de
Voorzitter

Maandag
10.30 u. :
Conferentie 1
Stijn
Van den Bossche
LITURGIE
EN CATECHESE: EEN VERKENNING

1. VERKONDIGING - LITURGIE - DIAKONIE
1.1. Een evenwicht tussen drie gaven en opgaven van
de Kerk
- de Kerk ontvangt zichzelf van God die spreekt en
verkondigt het Woord
- de Kerk ontvangt zichzelf van de Middelaar en
bemiddelt Gods reële tegenwoordigheid
- de Kerk wordt geleid door de Herder en dient de
wereld
1.2. Elke pool zijn eigenheid in de drievoudige
opgave van de Kerk
- verkondiging: de eerste opdracht vanuit het doopsel
en vanuit het gewijde ambt
- de liturgie: bron en hoogtepunt van het kerkelijke
handelen
- de diakonie: het antwoord op het ontvangen heil
behoort tot het wezen van de Kerk
- de prioriteit van de Heer en dus van de Eucharistie
op de Kerkgemeenschap
1.3. Liturgie en verkondiging/catechese wederzijds
- van verkondiging naar liturgie
- van liturgie naar verkondiging
2. ENKELE HISTORISCHE SLEUTELS TOT BETER BEGRIP
2.1. Vanuit de verhouding tussen liturgie en
catechese
- Oudheid en Middeleeuwen: catechese als bijbelse
herinnering, verbonden met ritueel en christelijk
gebed
- Vanaf Trente: veeleer nevenschikking van liturgie
als cultus en catechese als catechismus
- Na Vaticanum II: bedoeld was een heraansluiten bij
catechese voorbereidend op en aansluitend
bij de liturgie
- Maar vooral ‘het leven’ eiste zijn plaats op
- Ter illustratie: de geloofsbelijdenis in de
verschillende fasen
2.2.
Vanuit het begrip van Gods zelfopenbaring
- Het openbaringsbegrip van Vaticanum I: God schenkt
zijn mysteriën aan de Kerk die ze
uitdeelt in de sacramenten en in de ‘lering’
- Het openbaringsbegrip van Vaticanum II: God schenkt zichzelf (relatie) aan
alle mensen, doorheen het Woord en de
sacramenten
- Naar een décloisonnement (ontzuiling,
doorbreking, uit het vakje halen…) van de catechese:
van ‘lering’ naar het begunstigen en mogelijk maken van de ontmoeting met God in de Kerkgemeenschap
3. CATECHESE IN HAAR VEELVORMIGE VERHOUDING TOT
LITURGIE EN SACRAMENTEN
(indeling o.b.v. Algemeen Directorium voor de
Catechese)
Deel I. Catechese binnen de evangelisatie-opdracht
van de Kerk
Hfst. I. De Openbaring en haar overdracht door de
evangelisatie
- Openbaring: God laat zich kennen in daden en woorden
- Evangelisatie: de Openbaring aan de wereld bekend
maken in “verkondiging, getuigenis,
onderricht, sacramenten, naastenliefde, volgeling maken” (ADC 46)
- De dienst van het Woord: bijeenroepen en
uitnodigen tot geloof, initiatie (catechese), voortgaande
geloofsvorming en -opvoeding (permanente catechese), liturgische functie, theologische functie
Hfst. II. Catechese in het evangelisatieproces
Eerste verkondiging en catechese
- Eerste verkondiging : de belangstelling wekken bij
wie ongelovig en/of onverschillig zijn
- Pre-catechumenaat: eerste verkondiging voor
belangstellenden in missio ad gentes
- Kerygmatische catechese of pre-catechese: eerste
verkondiging in de context van nieuwe
evangelisatie
De catechese, wezenlijk moment in het
initiatieproces
- Catechese: de tijd waarin de bekering tot Jezus
Christus vaste vorm krijgt en de basis
gelegd wordt om zich voor het eerst aan Hem te binden
- Initiatiecatechese: schakel tussen missionair werk
en pastoraal werk, nauw verbonden
met de initiatiesacramenten
- De catechumenale traditie: opeenvolging van
bijbelse, leerstellige en mystagogische catechese
De catechese in dienst van de permanente
geloofsvorming en -opvoeding
- permanente geloofsvorming en -opvoeding: de
leerlingen gespijzigd aan de twee tafels
van Woord en Eucharistie
- ze bestaat uit talrijke vormen: studie van de
Schrift en lectio divina, christelijke duiding
van de werkelijkheid en studie van de sociale leer van de Kerk, liturgische catechese (voor en na
de sacramenten), gelegenheidscatechese (naar omstandig- heden), geestelijke vorming, theologisch
onderricht of vervolmakingscatechese
Hfst. III. Aard, doel en taken van de catechese
- De kerkelijke aard van de catechese
- Doel van de catechese: gemeenschap met Jezus
Christus
- Fundamentele taken van de catechese: bevordering van
de geloofskennis, liturgische
vorming, morele vorming, leren bidden
4. CATECHESE EN LITURGIE: ENKELE LOSSE BESCHOUWINGEN
4.1. De sacramentencatechese in een
postchristelijke situatie
4.2. Eerste verkondiging, catechese en liturgie
4.3. Catechese een verantwoordelijkheid van de hele
Kerkgemeenschap
4.4. De Paaswake als liturgisch model van alle
catechese
4.5. Hoe kan liturgie catechetisch worden?
- recht doen aan de viering die ‘de gemeenschap met
Christus’ geeft: de gehoorzaam- heid
van allen (gemeenschap, voorganger, andere rollen) aan het geschenk van de liturgie
- recht doen aan de vierenden : de actieve deelneming
van allen aan de liturgie
Maandag
12.00 u. : Conferentie
2
Pierre
Trouillez
ORIËNTATIEPUNTEN
EN VRAGEN VOOR DE SITUATIE VAN VANDAAG

1. De hoofdtrekken van de oudkerkelijke
initiatiecatechese
2. Naar de nieuwe situatie van de volkskerk
In de 4de-5de eeuw werd de Kerk erkend en begunstigd door de
staat (Constantijn!), waardoor het aantal christenen snel steeg, maar de
motivering van de catechumenen niet altijd zo zuiver was. Toch bleef men gewoon
het catechetische procédé uit de tijd van de ernstig gemotiveerde groepjes
volgen.
Door de veralgemening van de kinderdoop geraakte de
initiatiecatechese in verval. In de ‘volkskerk’ werd het christen-zijn een
vanzelfsprekende zaak en rekende men op de ouders om het geloof aan de volgende
generatie door te geven. Wat de band met de liturgische vieringen betreft, ook
daar verwachtte men van de ouders dat zij er hun kinderen mee vertrouwd zouden
maken.
Mettertijd werd in de Kerk weer aandacht aan de
(kinder)catechese besteed, in de vorm van een catechismus met vraag en
antwoord. Verder bleef men ervan uitgaan dat de ouders hun kinderen in het
liturgische leven zouden inwijden. Al van in de tijd van Vaticanum II rezen er
echter ernstige vragen bij deze praktijk en de band tussen catechese en
liturgie leven.
3. Enkele denksporen vanuit de oude Kerk naar onze tijd
1. De Kerk van de eerste eeuwen en die van onze tijd leven
in dezelfde pluralistische context. Daarom is het weer hoognodig om veel zorg
te besteden aan de typisch christelijke (katholieke) manier van geloven en
vieren.
2. De
verhouding tussen initiatiecatechese en liturgie die de vroege Kerk
eerbiedigde, is van blijvende betekenis. Waar mensen in het geloof ingewijd
worden, dient de catechese de voorrang te krijgen, maar moeten wel liturgische
momenten in het catechetische proces voorzien worden.
3. Het huidige
betrekken van de ouders bij de doopcatechese is bijzonder verantwoord en is
verwant met de geloofsinitiatie van volwassenen in de oude Kerk. Men maakt er beter geen drama
van dat men nu een soort initiatiecatechese moet geven aan volwassenen die al
geïnitieerd zouden moeten zijn en dat de groep geïnteresseerden misschien klein
zal zijn.
4. Ook
de catechetische en liturgische begeleiders van de oude Kerk kenden hun
ogenblikken van ontgoocheling als iemand afhaakte. In dezelfde zin kunnen moderne invloeden de inspanningen van catecheten en
liturgische medewerkers ernstig fnuiken. Ondersteuning van de groep medewerkers
is daarom bijzonder aangewezen.
5. We
herkennen iets van het vroege christendom in de (bescheiden) groep volwassenen
die tot de Kerk toetreden. Hier krijgt de initiatiecatechese weer haar volle,
oudkerkelijke betekenis. Het vinden van een milieu met een levende, liturgische
gemeenschap voor de nieuwgedoopten kan wel een probleem vormen.
De
oudkerkelijke aandachtspunten voor een vruchtbare catechese en een
aanstekelijke liturgie zijn van blijvende betekenis, mits ze op kritische wijze
op de nieuwe situatie van Kerk en christendom worden betrokken.
Maandag
14.30 u. : Getuigenis
1
HOE
DOET DE LITURGIE MIJN GELOOF GROEIEN
Koen
en Annelies De Gussemé – Delporte
Eerste
kennismakingen met liturgie: beiden katholiek opgevoed, dus wekelijks naar de
mis, ook met de school naar de mis. Annelies wordt ook
misdienaar.
·
We leren beiden Jokri kennen en leren daar dat eucharistie ook leuk kan
zijn. Enkele voorbeelden:
·
De Agapè-viering aan het einde van de ontmoetingsdagen: 2 uur, met meer
dan 200 jongeren, veel liedjes…
·
Het lijdensverhaal dat door de plaatselijke Jokri-groep jaarlijks wordt
gebracht met een samengaan van de Bijbeltekst, moderne liederen en
actualiseringen.
·
Vieringen die we op verplaatsing opluisterden: in de gevangenis van
Brussel, viering bij het schrijn van Theresia van Lisieux…
·
Binnen onze relatie heeft het geloof van meet af aan een belangrijke rol
gespeeld: reeds na een halfjaar trokken we samen naar Assisi. Op Jokri werden we samen leiding. Onze huwelijksviering was dan ook een hoogtepunt.
·
We bleven die hoogtepunten echter tamelijk los zien van de wekelijkse
liturgie die ons weinig voldoening schonk. We kozen er dan ook voor om ons ‘bij te scholen’: Annelies
startte een opleiding aan het Hoger Diocesaan Godsdienstinstituut, Koen volgde
de School voor Geloofsverdieping. Langs deze weg leerden we ook de
jongerenvieringen op donderdagavond kennen.
·
Door een combinatie van het leren over geloof, het ervaren van deze heel authentieke vieringen en
ontmoetingen, begon de liturgie voor ons veel belangrijker te worden.
·
Liturgie betekent voor ons een moment van rust, bezinning, geborgenheid,
thuiskomen, warmte. Cruciale elementen zijn voor ons stiltemomenten, zang en
een degelijke uitleg bij de Bijbellezingen.
·
We zijn de laatste jaren dan ook sterk in geloof gegroeid. Enkele
elementen die daarin hebben meegespeeld zijn:
o
Toevallige ontmoetingen bij vieringen
o
Gesprekken met mensen
o
Onze opleidingen
o De vieringen zelf, waarin we Hem ontmoeten
Maandag
14.30 u. : Getuigenis
2
HOE
DOET DE LITURGIE MIJN GELOOF GROEIEN
Karin
Daniëls

doorheen zijn
Schepping
doorheen zijn
Woord
doorheen zijn Zoon
doorheen gebroken
Brood
doorheen
de liturgie openbaart God zich in de gemeenschap
de liturgie openbaart
het geloof van de gemeenschap
de wereldkerk
Maandag
14.30 u. : Getuigenis
3
HOE
DOET DE LITURGIE MIJN GELOOF GROEIEN
Lia
en Marc van Kerkhoven - De Cat

We zijn ondertussen al langer samen dan we ieder bij onze ouders woonden.
Doorheen ons leven zijn we in verschillende “lagen” steeds door liturgie
geraakt geweest. Dat waren geen aparte fasen, maar eerder steeds bredere
kringen die in elkaar over gingen.
- In het gezin: meemaken
- In het kinderkoor: mee doen
- In de catechese, de werkgroep kindervieringen, ..: mee maken
- In de school: voorleven en doorgeven
- In ons gezin: de geschiedenis herhaalt zich
- In de focolarebeweging, in de ziekendagen: vanuit en opnieuw naar het leven
- Nu: vreemd en vertrouwd; verder op zoek naar waar het wezenlijk over gaat
Maandag
16.00 u.: Conferentie
3
Gino
Mattheeuws
DE
LITURGIE: EEN PLAATS VAN GELOOFSVORMING EN GELOOFSGROEI
In deze lezing zal voornamelijk de nadruk gelegd worden op het feit dat het
vieren van de liturgie op zich reeds een initiatie in het geloof inhoudt, en
dat geloofsgroei dus ook bewerkt wordt door het vieren zelf. In dit vieren zit
dus reeds een catechetische functie verweven (cf. Sacrosanctum Concilium nr. 33). Doorheen het liturgisch
handelen worden de gelovigen immers binnengeleid in de levende relatie met
Christus en Zijn Vader. Het is dus niet zo dat het vieren enkel en alleen na de
initiatie komt, maar dat men ook doorheen het vieren geïnitieerd wordt.
Liturgie dus als een plaats waar het geloof gevormd wordt, waar men alsmaar
dieper binnendringt in de ontmoeting met God. Hierbij speelt ook het fenomeen
van de herhaling een belangrijke rol om alsmaar dieper en intenser tot die
verbondenheid met God te kunnen komen.
De inherente initiatie die er in de liturgie aanwezig is,
zal verduidelijkt en aangetoond worden aan de hand van een vijftal
invalshoeken, telkens geïllustreerd met verschil-lende voorbeelden uit de
liturgische praktijk.
1. Initiatie doorheen de woordelijke verkondiging
Het spreekt voor zich dat het bij uitstek in de
woorddienst is dat geloofsgroei bewerkt wordt, meer bepaald doorheen de
Bijbelse lezingen en de homilie als actualisatie van deze lezingen. Hierin komt
Jezus Christus op een sacramentele wijze aanwezig en nodigt hij de samengekomen
gemeenschap uit tot overgave en geloof. Daarnaast wordt het geloof ongetwijfeld
ook gevormd en gestimuleerd doorheen alle andere woorden en taalgenres die
tijdens een liturgische viering uitgesproken en gebruikt worden. Hierbij moet
men echter steeds waakzaam zijn dat men niet vervalt in een te catechetische
benadering van de liturgie.
2. Initiatie doorheen het kerkelijk liturgisch jaar
Ook de opbouw en de dynamiek die er in het kerkelijk
liturgisch jaar zit, is op zich reeds een initiatie in het geloof. Denken we
bijvoorbeeld maar aan de veertigdaagse voorbereidingstijd op Pasen. Heel het
liturgisch jaar trouwens, met haar telkens terugkerende dynamiek, zorgt ervoor dat
men steeds dieper doordringt tot de gelovige mysteries. Op die manier is het
kerkelijk jaar niet louter iets cyclisch, maar is het
veeleer een spiraal waarbij men telkens meer en meer
vertrouwd raakt met het gevierde geheim in de hoop dit alsmaar intenser in het
eigen leven te gaan incorporeren.
3. Initiatie doorheen de opbouw van de liturgie zelf
Ook de opbouw van elke liturgische viering bevat op zich
tal van elementen die ons helpen om ons geloof te verdiepen en meer doorleefd
te maken. Eén van de meest voor de hand liggende voorbeelden hiervan is
ongetwijfeld de opbouw van de paaswake. Maar ook de orde van dienst van het
doopsel bevat een eigen dynamiek die ons inwijdt in de spanningsboog van het
gelovige leven zelf.
4. Initiatie doorheen de liturgische rituelen en
symbolen
Ook de rituele handelingen en symbolen zijn een
vindplaats voor het geloof. Bepaalde liturgische handelingen en rituelen
spreken soms veel sterker aan dan het woord in staat is te doen. Op die manier
kunnen handelingen iets van het goddelijke tastbaar maken, soms zonder dat enig
woord gesproken wordt. Hier situeren we ons op het vlak van de kracht van
rituelen en symbolen. Aandacht is echter ook vereist voor de wijze waarop we
deze handelingen stellen. De ‘ars celebrandi’ speelt immers een fundamentele
rol bij het feit of het liturgisch spel al dan niet werkzaam is.
5. Initiatie doorheen de liturgische houdingen
Tenslotte wordt de geloofsgroei ook gestimuleerd doorheen
de verschillende houdingen die de liturgie ons doet aannemen. In het liturgisch
vieren leren wij immers verschillende christelijke basishoudingen aan:
lofprijzing, dankbaarheid, luisterbereid-heid, zelfgave, vergevingsgezindheid,
vertrouwen, hoop, smeking… In de liturgie komen ze als het ware in een
gecondenseerde vorm aan de orde, en vormt de liturgie zo een ‘playground’ voor
het dagelijkse leven. Op die manier wordt doorheen de viering het persoonlijke
geloof gesterkt en gevoed.
Conclusie
Doorheen dit alles zien we dus dat het liturgisch spel op
zich reeds een enorme zeggingskracht heeft. Vanuit zichzelf is de liturgie
initiërend, nog vooraleer er een uitleg aan het handelen voorafgaat. We kunnen
trouwens stellen dat het liturgisch handelen soms krachtiger is dan een
uitgebreid discours om de mens te helpen binnentreden in het mysterie van Gods
liefde. De liturgie zelf biedt dus enorme kansen tot geloofsgroei en
geloofsvorming. Wellicht heeft dit te maken met het feit dat de liturgie de
mens in zijn totaliteit aanspreekt, en niet louter en alleen in zijn verstandelijkheid.
Dinsdag
9.30 u.:
Conferentie 4
Johan
Van der Vloet
VOLWASSENEN VRAGEN DE DOOP
Catechumenaat
als model voor een vernieuwde sacramentencatechese?

1. Het
catechumenaat herontdekt
a. Nieuwe aandacht voor het catechumenaat
• Gevolg van de ontkerkelijking
en immigratie
• Publicatie nieuw ritueel
b. het verloop van het catechumenaat
• Het precatechumenaat
• De viering van de opname
• De uitverkiezing tot het
doopsel
• De periode van zuivering en
verlichting
• De riten van onderzoek met
exorcisme
• De riten van overdracht en de
'effeta'-ritus en de zalving met olie
• De viering van de sacramenten
tijdens de paaswake
• De mystagogie
2. Het
catechumenale proces
a. realisatie van de initiatie
b. leeromgeving: tijd, ruimte, etappes
c. ontvangst en initieel vertrouwen:
Gods werk in de ander
d. Christus als initiator!
e. Rol van de liturgie: het mysterie komt
naar ons: opent de tijd naar God
f. Begeleiden als doorgeven
3. Het
catechumenaal model in de catechese
a. Waarom deze term?
b. Catechumenaal model en andere
steekwoorden uit de hedendaagse catechese
c. Enkele voorbeelden
i. Texte d’orientation (Franse bisschoppen, 2006)
ii. Katechese in verändeter Zeit
(Duitse bisschoppen, 2004)
iii. Volwassen worden in geloof (Belgische
bisschoppen, 2006)
4. Kansen en beperkingen
van een catechumenaal model
a. Kansen
i. Sluit aan bij initiatiemodel
ii. Kans tot herontdekking mystagogie
iii. Sterke band tussen catechese en liturgie
b. Beperkingen
i. Gevaar voor hybridisering en
elitekerk
ii. Veronderstelt een serieuze
denkomslag in de catechetische pastoraal
Besluit
Dinsdag
11.00 u.:
Werkwinkel
1
Hans
Vandenholen
HET
CATECHUMENAAT

1. Een ervaringsbericht:
Nieuwe christenen en de liturgie van de Goede Week in de Gentse kathedraal:
verkenners worden verkondigers
2. Liturgische vieringen
tijdens het catechumenaat

3. Verschillende vieringen en
hun betekenis in de geloofsgroei van de nieuwkomers én van de gedoopten
4. Het catechumenaat: een
genadekans voor de kerk
Dinsdag
11.00 u .:
Werkwinkel 2
Zr.
Monique Vanclooster
HET
VORMSEL
De liturgie in de vormselcatechese
Om een betere
samenwerking te hebben binnen de vormselvoorbereiding in de federatie Bilzen
centrum, wordt deze jaarlijks samen gepland. Elke parochie behoudt echter zijn
eigenheid. Binnen de drie peilers in deze voorbereiding neemt het vieren van de
eucharistie een belangrijke plaats in. Vandaar dat er een grote aandacht gaat
naar de manier waarop de jongeren betrokken worden in de liturgie. De vele tips
die wij uitwisselen om deze betrokkenheid te bereiken geven reeds een hele
waaier van mogelijkheden die wij u graag aanbieden.
THEMA : DE LITURGIE IN DE VORMSELCATECHESE
In onze parochiefederatie hebben wij sedert 1999 een federale werking in de
vormselcatechese. Het vormsel is er op 13 jaar. De zeven parochies hebben wel
dezelfde basis maar de zes catechistengroepen leggen toch nog hun eigen
accenten in hun werking. De lancering van de jaarwerking gebeurt federaal. Alle
ouders van mogelijke vormelingen worden uitgenodigd op een informatieavond
(driemaal herhaald) om
- ons project te leren kennen ;
- een basis te hebben om een keuze
te kunnen maken ; al of niet kiezen voor het vormsel
is voor de jongeren en hun ouders toch belangrijk ;
- het parochiaal project (het
programma) toelichten ;
- de ouders betrekken in het
catechetisch gebeuren.
Onze werking berust op drie pijlers :
- de vriendschap tussen de
jongeren versterken ;
- de eigenlijke catechese waarin
wij de bedoeling hebben Jezus te leren kennen ;
- de jongeren en de ouders
samenbrengen in de eucharistie van de wekelijkse gelovige gemeenschap op zaterdagavond of zondag.
Toelichting bij de drie pijlers
1.
Jongeren
moeten leren elkaar te ontmoeten in vriendschap en respect in Jezus. Dat is de
basis van elke kerkvorming. Als 13-jarigen gaan ze naar verschillende
secundaire scholen. Daardoor is de ontmoeting zeer belangrijk. Ook het delen
van het waarom van hun keuze en hun aanvoelen en vragen rond evangelieteksten
vormen samen een stevige pijler in ons catechetisch gebeuren. Maaltijd houden
met jongeren en ouders krijgt in de verschillende parochies eigen accenten. Dit
maaltijd houden gaat in de derde fase over in het vieren van de eucharistie.
2.
In
de verschillende aangeboden thema’s wordt vooral rekening gehouden met het doel
van de catechese : Jezus leren kennen in zijn omgaan met God zijn Vader en met
de mensen. Het evangelie staat dan ook centraal in elke samenkomst. De
bespreking van het Woord van God is essentieel in hun relatie met God en
elkaar. In alle groepen wordt telkens het evangelie van de zondagsliturgie
aangeboden zodat de eucharistie geïntegreerd kan worden in de viering van hun
leven. Door de bespreking is het evangelie dan meteen herkenbaar voor de
jongeren.
Op
het jaarprogramma staat ook het thema : de Eucharistie. Hier worden alle delen
van de eucharistie besproken en uitgelegd. Wij laten jongeren de diepere
betekenis van de eucharistie ontdekken; de houdingen tijdens de viering worden
toegelicht en geoefend ( staan, knielen, drie kruisjes maken bij het evangelie,
open handen bij het ter communie gaan ….). Wij hopen zo de jongeren thuis te
laten komen in de eucharistie en ze beter te laten begrijpen als de ware
beleving van hun geloof en van het geloof van de christelijke gemeenschap. Tot
dit doel wordt in sommige parochies ook het kerkbezoek gezien.
3.
De
grotere gelovige gemeenschap die samenkomt op zaterdag of zondag mag een 8-tal
keren per jaar jonge mensen verwelkomen in de kerk. Dat is echt een grote
troef. Het is voor ons belangrijk dat deze vieringen tegelijkertijd van, voor
en met de jongeren zijn. Zij verzorgen de schuldlitanie en de voorbede (soms
zelf schrijven). De eerste lezing is meestal de lezing van de betrokken zondag
maar kan aangepast worden aan het bewerkt thema van de catechese. Aansluitend
op het thema wordt soms overgegaan tot een afzonderlijk liturgisch moment b.v.
- Na het thema ‘Bidden is…’ krijgen
de jongeren het ‘Onze Vader’ overhandigd, het gebed dat ze dan samen met de
gemeenschap van harte kunnen bidden.
-
Na
het thema ‘Ik ben gedoopt’ wordt door de leden van de parochieraad de
geloofsbelijdenis aan de jongeren gegeven. Het geloof wordt alzo werkelijk doorgegeven.
- In het kader van de
40-dagentijd, Goede Week, wordt in de eucharistie een moment voorzien waarop de
jongeren hun vormselkruisje krijgen.
-
Aswoensdag
wordt speciaal geduid in de catechese. De bekering, nieuwe kansen krijgen en
geven, is essentieel in het op weg gaan naar Pasen. Dood en verrijzenis worden
alzo heel concreet. In de viering mogen de jongeren hun palmtakje aanbrengen om
te verbranden. Het askruisje
krijgt dan een bijzondere betekenis.
- Een heel bijzondere liturgische
viering is de naamopgave. In die viering bekennen jonge mensen zich tot de
familie van de christelijke gemeenschap waartoe ze willen horen. Zij willen dit
doen door bij het roepen van hun naam te zeggen :” Hier ben ik” en zij zullen
ook enkele symbolische daden stellen :
1.
Het
kleine zaad dat zij krijgen, gaan ze uitstrooien in de aarde en is een teken
dat ze er nog niet zijn, dat ze op weg zijn om echte christenen te worden, dat
ze de steun van anderen nodig hebben om te groeien. Wil dit zaadje een boom
worden, zullen ze ook dit zaad moeten verzorgen en water geven. De priester zal
dan de besproeide zaadjes onder elkaar mengen.
2.
Naar
hun doopsel want als christenen komen wij samen in de naam van de Vader en de
Zoon en de Heilige Geest.
3.
Op
het einde van de viering krijgen de jongeren bij de zending drie symbolen mee :
- een stok, die verwijst naar
Jezus die onze steun is en die wij nodig hebben om
christen te worden;
- een koek, verwijst naar
voedsel voor onderweg: het Woord van God zelf;
- water zegt ons dat Jezus de
bron van ons leven is en dat wij telkens bij
Hem terecht kunnen.
Bijzondere aandacht wordt gegeven aan de grote liturgische feesten:
Kerstmis en Pasen. In de parochie St.-Jozef wordt bv. door de vormelingen het
kerstspel gebracht. De woorddienst wordt aldus door hen verzorgd. Naar Pasen
toe worden de jongeren schriftelijk uitgenodigd op één of twee federatieve
vieringen. In de paaswake wordt ze gevraagd het vuur aan te brengen en ook
verder uit te delen. In één parochie doen de jongeren in de paaswake de
hernieuwing van hun doopbeloften.
Het moet gezegd dat de vormselviering zelf een hoogtepunt is in het
catechetisch jaar. Eigen gebeden, eigen geloofsbelijdenis, liederen op
jongerenformaat zijn een speciale noot in het vast stramien van zo een
plechtigheid. En het moet gezegd, zonder repetitie gaat het heel moeilijk om er
een verzorgde viering van te maken, maar dat geldt voor alle vieringen.
Tenslotte wil ik ook vermelden dat gebedsvieringen soms aansluiten op de
catechese. Zo komt het dat de toewijding aan O.L.Vrouw een geschikt ogenblik is
in de Advent. In één parochie wordt de gebedsviering gehouden naar het model
‘Taizé’ : de jongeren zitten in het koor op een matje of stoel – het
groot kruis van Taizé staat in het midden – de donkerte van de avond
nodigt uit om veel kaarsjes te gebruiken – de bijbel wordt centraal
gelegd en in de hand genomen voor de lezing – jongeren lezen, zingen,
worden stil…
Naar de catechistenploeg toe mogen wij nog vermelden dat de aanwezigheid in
de chrismaviering een rijke ervaring is die bemoedigend werkt in het beleven
van de eucharistie in eigen parochie. Het is telkens een heel mooie liturgie.
Wij moedigen ouders aan samen met hun jongeren de zondagseucharistie mee te
vieren. Negatief mag gezegd worden dat deze aanwezigheid in de vieringen zwak
is. De meeste jongeren worden niet echt gedragen in het gezin. Het blijft onze
opdracht om de ouders catechetisch en liturgisch mee te nemen in de groei en de
beleving van hun christen zijn.
Dinsdag
11.00 u.:
Werkwinkel 3
Joris
Geldhof
GROEIEN
IN HET PAASMYSTERIE
Overwegingen
bij het liturgisch jaar vanuit de preken van Leo de Grote
De gang van het liturgisch jaar is tegelijkertijd onnoemelijk complex en
verrassend eenvoudig. Hij is ingewikkeld omdat er talloze elementen zijn die
komen kijken bij en
een rol spelen in de organisatie, de betekenis en de beleving van het
liturgisch jaar. Zo is er niet alleen de spanning tussen het tijdseigen en het
feesteigen, maar zijn er tevens de diverse en variërende componenten van de
vieringen zelf, restanten van tradities waarvan de oorsprong onduidelijk is
geworden, fundamentele moeilijkheden met betrekking tot de duiding van taal en
symbolen, invloeden van lokale gewoonten versus bemoeienissen van bovenaf, enz.
En toch is de gang van het liturgisch jaar ook simpel, aangezien hij vertrekt
van één en dezelfde fundamentele basis: de viering van het Paasmysterie.
Het is deze laatste gedachte die ons op het spoor brengt van een reflectie
over welk theologisch ‘principe’ de kleurrijke ontvouwing van het liturgisch
jaar in feite ‘stuurt’. Want ongetwijfeld zijn het steeds aspecten van het
mysterie van het leven, de dood en de verrijzenis van Jezus Christus die in de
sacramenten in het algemeen en de eucharistie in het bijzonder, door de Kerk op
de voorgrond zijn geplaatst. Of het nu Kerstmis is, Driekoningen, Pasen,
Pinksteren of Allerheiligen, steeds dankt en prijst de Kerk de Vader voor zijn
liefdevol en bevrijdend handelen in de Zoon en door de Geest.
In deze werkwinkel wordt dit perspectief concreet uitgewerkt aan de hand
van de lectuur en interpretatie van de preken van paus Leo de Grote, met in het
bijzonder aandacht voor de wijze waarop wij als gelovigen uitgenodigd worden te
groeien in het geloof in het Paasmysterie. De keuze voor deze kerkvader, die
bekend staat als de laatste Romein, is trouwens gerechtvaardigd omwille van
meerdere redenen. Ten eerste ontwikkelt Leo de Grote in zijn preken een
speculatieve soteriologische visie zonder weerga, die nochtans dicht op de
liturgische praktijk van de gelovigen van zijn tijd gelegd wordt. Ten tweede is
de historische situering van dit tekstgeheel goed geplaatst om als
aanknopingspunt te dienen voor beschouwingen over de ontwikkeling en de
betekenis van het liturgisch jaar in het Westen. Ten derde verschaft het
overgeleverd getuigenis van Leo de Grote de mogelijkheid om over het geheel van
het liturgisch jaar zinvolle dingen te zeggen. En ten vierde kunnen zijn preken
zo gelezen worden, dat er een onvermoede actualiteit en originele
zeggingskracht uit blijkt.
Het is in elk geval niet op de eerste plaats de bedoeling om de theologie
van Leo de Grote te presenteren, maar wel om bij hem te rade te gaan in verband
met de even diepgaande als belangrijke vraag hoe wij vandaag kunnen leren
groeien in het verlossingsmysterie van Pasen.
Dinsdag
11.00 u.:
Werkwinkel
4
Zr.
Juria Rogatska
LITURGIE
MET ZIEKEN

1.
Nooddoop
2.
Eucharistie;
Woord- en Communiedienst
3.
Communie
aan de zieken; Viaticum
4.
Ziekenzalving
5.
Zegening van
zieken & stervenden
6.
Afscheidsgebed
- afscheidsdienst
Dinsdag 14.30 u.:
Conferentie 5
Joris Polfliet
DE KUNST VAN HET VIEREN

De liturgie is
niet “automatisch” een plaats waar het geloof van mensen groeit. Daarvoor is er
een “kunst van het vieren” nodig, bij de gemeenschap, bij de voorgangers en bij
allen die een rol opnemen in de viering.
1. Ter inleiding: enkele beelden om de ogen te
scherpen …
§ Welk beeld of woord raakte je
het meest in positieve zin?
§ Welk beeld of woord raakte je
het meest in negatieve zin?
§ Waar heb je iets gemerkt van
de betrokkenheid van de aanwezigen bij het gebeuren? Op welke manier toonde zich die
betrokkenheid?
§ Welke beelden riepen iets op
van een biddende gemeenschap en van de vierende
ontmoeting met God en Jezus Christus?
§ Hoe zat het met de combinatie
van de verschillende bouwstenen van de viering
(lichaamshouding, kijkrichting, gebaren, stilte, liederen, teksten, gebeden,
symbolen, verplaatsingen, de schikking van de ruimte, lezingen…)?
2. Wat wordt er bedoeld met “de kunst van het
vieren” (ars celebrandi)?
Een algemene
omschrijving:
“De kunst van het
vieren bestaat allereerst uit een goede ordening van de verschillende elementen
(die gezien, gehoord, aangeraakt, geproefd of geroken worden) die de viering
opbouwen en die aan het onzichtbare van het geloof en de genade toelaten om aan
het licht te komen. De kunst van het vieren bestaat dus in de goede ordening
van verplaatsingen, lichaamshoudingen en -bewegingen, woorden, gebaren,
lezingen en liederen, op het juiste moment in de tijd, op de goede plaats in de
ruimte, op de goede toon in het verloop van de communicatie, in een goede
verhouding met wat voorafgaat en wat volgt, en met de juiste overeenstemming
tussen wat er gedaan en gezegd wordt.”
DUS:
§ De verschillende bouwstenen
zo combineren dat ze een coherente, dynamische
eenheid gaan vormen, en dat ze de gemeenschap helpen om doorheen
de zichtbare tekens en handelingen door te stoten naar de innerlijke onzichtbare
geloofswerkelijkheid die zich in de viering afspeelt.
§ “Hoe zó vieren dat de
liturgie ook echt beleefd kan worden als de plaats waar Jezus
Christus ons binnenleidt in de ontmoeting met de levende God?”
§ “Hoe ervoor zorgen dat het
verwijzend karakter van de liturgie aan het licht komt?”
3. De ars celebrandi van de gemeenschap
3.1. Mee bewegen:
§ Lichaamshoudingen: wanneer
staan wij recht en waarom?
§ Bewegingen: hoe gaan we te
communie?
3.2. Mee zeggen en
mee bidden (met de mond):
§ Hoe zeggen we: “Amen”, “Lof
zij U, Christus”, “Wij danken God”, …?
§ Hoe spreken we het Onze Vader
uit, en de geloofsbelijdenis?
3.3. Mee zingen:
§ De plaats van het koor in de
liturgie
§ Evenwicht tussen koorzang en
samenzang
3.4. Mee stil
worden:
§ Wanneer maken we het samen
stil?
3.5. Mee bidden
(met het hart):
§ De intenties van de voorbede:
lezen of bidden?
§ Mee bidden kan ook zonder
zelf te spreken of te lezen ...
à Hoe mensen uitnodigen en bekwaam
maken tot het vieren?
§ Liturgische catechese
§ Mensen “verder” leren kijken,
“met de ogen van hun hart”.
§ Oefening baart kunst …
4. De ars celebrandi van de voorganger en van de
andere actoren
“Hoe bevorder ik
de ontmoeting tussen God en deze mensen, door mijn manier van spreken, zingen,
bewegen of stil worden?”
4.1. Aandacht voor
de “symbolisering”: de verschillende elementen samensmeden en zoeken naar de
beste harmonie tussen gebaren, woorden, bewegingen, dingen en plaatsen.
§ Houding aan de ambo, aan het
altaar, aan het orgel…
§ De juiste combinatie van
kijkrichting en spreekrichting
§ De intredeprocessie in de
eucharistie: beweging, zang en muziek
4.2. Aandacht voor
de juiste omgang met de taal
§ Welke taal gebruiken?
§ Hoe spreken over God?
§ Inzicht in de
spreekrichtingen: “Wie spreekt er tot wie?”
4.3. Aandacht voor de juiste omgang met
mensen en dingen
§ Gebruik van de micro: wordt
de communicatie opgebouwd of verstoord?
§ Waardering voor de
verschillende diensttaken.
§ Vieren in praesentia rerum
(“in aanwezigheid van de dingen”).
Dinsdag 16.00 u.:
Conferentie 6
Mgr. J. De Kesel
LITURGIE: THUISKOMEN IN GELOOF EN KERK

1. Ter inleiding
q Initiatie in
geloof en kerk: grondvorm van alle pastoraal
q Liturgie als
initiatie
q “Volwassen worden
in geloof”
2. Geloven
q Niet uit reflectie
of ervaring
q Geloven is uit
horen
q Het hart van het
geloof: godsverbondenheid
q Eerste
verkondiging en initiatie
3. Geloofsinitiatie
q “Je wordt geen
christen geboren, je moet het worden” (Tertullianus)
q Het geloof
aanbieden: “une pastorale de proposition”
q Geen loutere
kennisoverdracht
q Geloof en
sacrament
q Thuiskomen in
geloof en kerk
4. Liturgie als
initiatie
q Nood aan
liturgische initiatie
q Nood aan een
liturgie die initieert
q Een liturgie die
trouw is aan zichzelf
q Leren luisteren
naar het Woord
q Leren bidden
q Eucharistie als
blijvende initiatie
5. Tot besluit
q Geen initiatie
zonder liturgie
q Geen liturgie die
niet initieert
En alles liep perfect dank zij
coördinator Christophe Monsieur en moderator Ann Joris
EVEN KENNIS MAKEN MET
Daniëls
Karin
Studentenpastor
in de universiteit en de hogescholen Hasselt-Diepenbeek, en betrokken bij de
catechumenaatswerking in het Bisdom Hasselt.
Jules
Klockplein 9, 3500 Hasselt
karin.daniels@uhasselt.be
De Gussemé
– Delporte Koen en Annelies
Koen is 28 jaar
en volgde een opleiding burgerlijk
ingenieur aan de Unversiteit Gent.
Hij maakte er ook een doctoraat over gelijkrichters. Dit behaalde hij in
juni 2006. Met een IWT-beurs bleef
hij daar tot voor kort werkzaam; sinds 5 november 2007 werkt hij bij de
afdeling infrastructuur van
Infrabel.
Koen is sinds
zijn zestiende lid van Jokri; eerst enkel
van de plaatselijke werking in Wanzele later ook bij Jokri van het
bisdom Gent, dat toen nog Jonge Kerk heette, en waar hij nu in de hoofdleiding
is van het eerste jaar. Twee jaar
geleden startte hij ook de cursus ‘school voor geloofsverdieping’ en leerde
daar met zijn ‘hart naar God luisteren’.
Annelies is 26 en
leerkracht wiskunde –
Project Algemene Vakken bij leerlingen van BSO en TSO te Aalst en dit reeds 6
jaar op rij. Ze was lid van Jokri in Wanzele en later
ook van het bisdom Gent. De
cursussen aan het godsdienstinstituut gedurende 3 jaar deden haar nadenken over
zovele ethische, exegetische en geloofskwesties.
Momenteel wonen
zij in Wichelen en verwachten ze hun eerste kindje rond Lichtmis 2008. De vieringen op donderdagavond zijn
voor hun een wekelijks rustpunt, een wekelijkse herbronning en doen hun groeien
in geloof.
Doornweg 97,
9260 Wichelen
delporteannelies@yahoo.com
De Kesel Jozef
Mgr.
Vicaris-generaal
en hulpbisschop voor Brussel
Geboren te Gent
17 juni 1947.
Studeerde
geschiedenis aan de KULeuven.
Dokter in de
theologie aan de Gregoriaanse Universiteit te Rome.
Van 1980 tot 1996
doceerde hij theologie aan het Bisschoppelijk Seminarie te Gent en van 1989 tot
1992 aan de Theologische Faculteit
van de KULeuven.
Van 1992 tot
2002 was hij als vicaris voor opleiding en vorming betrokken bij het bestuur
van het bisdom Gent.
Sinds maart
2002 is hij hulpbisschop en vicaris-generaal voor Brussel (Hoofdstedelijk
Gewest).
Vlasfabriekstraat
14 bus 18
jozef.dekesel@skynet.be
Geldhof
Joris
Joris Geldhof
(°1976) studeerde wijsbegeerte, godsdienstwetenschappen en theologie aan de
Katholieke Universiteit Leuven. In 2001 werd hij er aan de Faculteit
Godgeleerdheid tewerkgesteld als aspirant van het FWO-Vlaanderen. In die
hoedanigheid behaalde hij in maart 2005 de graad van doctor in de
godgeleerdheid (STD) met het proefschrift De provocatie van het christelijke
openbaringsbegrip. Sinds 1 oktober 2007 is hij docent sacramentologie en
liturgiewetenschappen aan de Faculteit Godgeleerdheid van de KULeuven. Hij is
de auteur van Revelation, Reason and Reality. Theological Encounters with
Jaspers, Schelling and Baader (Leuven/Parijs/Dudley 2007) en van het
recentelijk verschenen Geloof – systeem – verwondering.
Kennismaken met theologie (Averbode 2007). Daarnaast publiceerde hij meerdere
wetenschappelijke artikels over het theologische denken van de romantiek en
over de spanning tussen de moderniteit en het christendom. Tot eind januari
2008 studeert en werkt hij aan het Institut Supérieur de Liturgie van het ICP
te Parijs.
Sint-Michielsstraat
6, 3000 Leuven
Joris.Geldhof@theo.kuleuven.be
Mattheeuws
Gino (°1969)
Priester van
het bisdom Brugge en doctor in de Godgeleerdheid (KULeuven). Hij is pastor op
de Universitaire Parochie van Leuven en wetenschappelijk medewerker aan de
faculteit Godgeleerdheid - KULeuven.
Tiensestraat
124, 3000 Leuven
Gino.Mattheeuws@theo.kuleuven.be
Polfliet
Joris (°1967)
Sinds 1994
priester van het bisdom Gent. Na de priesteropleiding studeerde hij aan het
Institut Supérieur de Liturgie te Parijs. Sinds september 2006 werd hij benoemd
als algemeen secretaris van de Interdiocesane Commissie voor Liturgische
zielzorg. Daarnaast is hij betrokken in de vorming van seminaristen, diakens,
pastorale werk(st)ers, godsdienstleerkrachten en vrijwilligers, als docent
liturgie en sacramenten aan het Hoger Diocesaan Godsdienstinstituut te Gent en
het Johannes XXIII-seminarie te Leuven.
Gouvernementstraat
12, 9000 Gent
joris.polfliet@kerknet.be
Rogatska
Juria
Nadia Rogatska
(zr. Juria) (°1975, Oekraïne), lid van de Congregatie Sint-Vincentius à Paulo
van Deinze. Licentiate Godsdienstwetenschappen, KU Leuven (2005). Sinds 2005
werkzaam als pastor in het Universitair Ziekenhuis Gent.
Meulenstraat
24, 9800 Deinze
nadiarogatska@hotmail.com
Trouillez
Pierre
Geboren in
Anderlecht in 1946. Priester van het aartsbisdom Mechelen-Brussel, doctor in de
godgeleerdheid. Docent
kerkgeschiedenis aan het Johannes XXIII-seminarie te Leuven, pastoraal
medewerker in Diest-Binnenstad.
Publicaties: Naar
wie zouden wij anders gaan? Ontmoetingen met Jezus, de Christus, Leuven,
Davidsfonds, 1998.
Van Petrus tot
Constantijn. De eerste christenen, Leuven, Davidsfonds, 2002 (uitverkocht, in
pdf-formaat te verkrijgen bij de auteur).
Bevrijd en
gebonden. De Kerk van Constantijn (4de – 5de eeuw n.C.), Leuven,
Davidsfonds, 2006.
Bruidstraat 2,
3290 Diest
Webstek: http://users.skynet.be/trouillez
pierre.trouillez@skynet.be
Van den Bossche
Stijn
°1965, gehuwd
en vader van drie opgroeiende kinderen. Hij is doctor in de theologie en werkte
achtereenvolgens in de jeugdpastoraal, in het kerkelijk vormingswerk, en als
postdoctoraal onderzoeker en docent aan de Katholieke Theologische Universiteit
in Utrecht en de faculteit Godgeleerdheid van de KULeuven. Sinds 1 maart 2007
is hij algemeen secretaris van de Interdiocesane Commissie voor Catechese
(I.C.C.) van de Vlaamse bisdommen.
Guimardstraat
1, 1040 Brussel
s.van_den_bossche@interdio.be
Vanclooster
Monique
Zuster van St.-
Jozef. Parochieassistente in de parochiefederatie Bilzen Centrum.
Eik 9 3740
Bilzen
zusterseik@versateladsl.be
Vandenholen
Hans
Hans
Vandenholen, geboren 1964, priester van het bisdom Gent wijding 1992). Lic.
Klasieke Filologie, Lic. Godgeleerdheid. Directeur Dioc. Comm.
Parochiecatechese Gent, docent exegese, meewerkend priester dekenaat Zottegem.
Erwetegemstraat
68, 9620 Erwetegem
hans.vandenholen@kerknet.be
Van der
Vloet Johan
Johan Van der Vloet
(Merksem 1959), permanent diaken van het bisdom Mechelen –Brussel,
meewerkend in de parochie Sint Pieter en Pauwel van Neerijse. Doctor in de
theologie en Master of Science in psychologie. Hij is nationaal directeur
catechese van de Nederlandse kerkprovincie en directeur van het Interdiocesaan
Hoger Kerkelijk Instituut voor Godsdienstpedagogie van het bisdom Roermond (NL)
en van de catechistenopleiding aldaar. Coördinator van het Centrum voor
Counseling en Psychotherapie in christelijk perspectief van het Bisdom Roermond.
Hij is tevens professor godsdienstpedagogie en doceert aan diverse
onderwijsinstellingen in Nederland en Vlaanderen. Hij is gehuwd en heeft vier
kinderen.
Van Kerkhoven
– De Cat Lia en Marc
Wij zijn Lia en
Marc van Kerkhoven – De Cat en zijn 26 jaar gehuwd.
We wonen in
Schilde (tussen Antwerpen en Turnhout) samen met onze vier kinderen. De jongste
is 18 en de oudste 25 jaar. We werken beiden in het onderwijs.
Lindenstraat
9, 2970 Schilde
marc.vankerkhoven@skynet.be